Wat is een functioneel visueel onderzoek?
Een klassiek visueel onderzoek spitst zich toe op de opsporing van brekingsfouten in het visuele systeem (bijziendheid, verziendheid en astigmatisme) en op het vaststellen van luie of scheelziende ogen.
Uitgangspunt is het zogenaamde ‘cameramodel’ waarbij het oog vergeleken wordt met een camera die moet worden scherpgesteld. Een gezichtsscherpte van 10 op 10 is hier de norm.

Dit organisch-structureel model is statisch.
Het gaat ervan uit dat de meeste visuele problemen erfelijk bepaald zijn en voorziet compensatie door middel van optische correctieglazen.
Een functioneel visueel onderzoek richt zich eerder op de evaluatie van de visuele functie dan op het oog als orgaan. Met visuele functie wordt de werking van het visuele systeem bedoeld.
In een functioneel onderzoek gaat aandacht uit naar de werking van visuele vaardigheden zoals scherpstelling, oogsamenwerking, dieptezicht en oogmotoriek. Nagegaan wordt of deze vaardigheden accuraat en evenwichtig werken. De kwaliteit van het ziensproces komt hier op de voorgrond.

Natuurlijk worden ook brekingsfouten opgespoord en indien nodig gecompenseerd met een optische correctie, maar het uitgangspunt is dat brekingsfouten niet noodzakelijk alleen door genetische factoren zijn ontstaan. Ook omgevingsfactoren kunnen een belangrijke rol spelen. Oogafwijkingen worden in dit functionele model vaak gezien als eindpunt van een ‘visuele adaptatie’, als een aanpassing van het visuele systeem aan de omgevingsdruk.
Het is niet altijd nodig een brekingsfout met een bril te corrigeren. Vaak kan het ontregelde visuele systeem terug afgesteld worden waardoor de klachten verminderen.

Het begrip ‘visuele stress’ is van groot belang in dit functionele model. Visuele stress ontstaat wanneer de omgevingsdruk groter is dan wat het visueel systeem aankan. Visuele stress ontregelt de manier waarop de ogen scherpstellen, samenwerken en bewegen.
Dit alles kan in kaart gebracht worden met een uitgebreid testinstrument, waarbij elke visuele vaardigheid gemeten (optometrie = het meten van het zicht) en analytisch verwerkt wordt.

Dit stelt de functioneel optometrist in staat om te begrijpen hoe iemand de wereld inkijkt, hoeveel energie dit vergt en hoe groot het rendement is van deze visuele activiteit.
De visuele analyse laat verder toe te begrijpen waarom en hoe iemand zich visueel is gaan aanpassen aan bepaalde taken.
Het functionele visuele onderzoek laat ook toe de relatie zien–motoriek en zien–gedrag in kaart te brengen. Dit soort onderzoek geeft vaak een antwoord op de vraag waar ‘functionele’ klachten zoals visuele vermoeidheid, visuele hoofdpijn, aandachts- en concentratieproblemen, progressieve bijziendheid, scherpstellingsklachten, oog-handcoördinatieproblemen, enz. vandaan komen.

Een functioneel optometrisch onderzoek in Centrum Beter Zien neemt ongeveer 45 minuten in beslag.